Gezond in een gezonde stad
Het belang van goede zorg
D66 wil dat iedereen kan deelnemen aan het leven in de stad en de
gemeente Amsterdam heeft een belangrijke rol te vervullen in het
verbeteren van de gezondheid van Amsterdammers. D66 is een
pleitbezorger van zorg op maat en dichtbij de mensen thuis. Ondanks
alle inspanningen die we in Nederland doen om zorg van hoog niveau te
bieden, lijkt het wel alsof deze inspanningen vaak de zorg eerder op
afstand van de mensen brengt in plaats van dichterbij. Daarom komt het
nu nog te vaak voor dat degenen die behoefte hebben aan goede zorg
tussen wal en schip belanden. D66 wil dit veranderen door op een
slimmer en andere wijze met zorg om te gaan. Daarvoor is het nodig dat de ontwikkeling van innovatieve diensten in de zorg wordt gestimuleerd.
De mens staat centraal in de zorg
De mens centraal stellen betekent dat de overheid servicegericht is.
Uitgangspunt is dat de Amsterdammers doorgaans prima zelf kunnen
aangeven wanneer zij welke zorg nodig hebben. Ook bij hulpbehoevende
Amsterdammers is de eigen, geïnformeerde keuze van de mens zelf
uitgangspunt en zoveel mogelijk zelfredzaamheid; de overheid is er voor
de burger en niet andersom. Het persoonsgebonden budget (PGB) maakt
zelf kiezen goed mogelijk. Maar om hiervan optimaal te profiteren zullen de gemeente en zorgaanbieders hun informatievoorziening en dienstverlening zo goed mogelijk moeten inrichten. PGB en zorg in
natura zijn gelijkwaardige alternatieven.
D66 steunt het huidige overheidsbeleid dat zich niet langer uitsluitend richt op regulering van het aanbod, maar vooral op versterking van de positie van de patiënt en het sturen op resultaat via de vraag.
D66 wil geen concurrentie tot op de deurmat, maar maatwerk. Met de
toenemende vergrijzing en het voorzienbare personeelstekort in de zorg
zal er de komende jaren een balans gevonden moeten worden tussen
marktwerking en publiek aanbod en tussen solidariteit en eigen
verantwoordelijkheid. Marktwerking kan alleen daar ingevoerd worden
waar burgers daadwerkelijk kunnen kiezen. Bij aanbestedingen dient
waar mogelijk een voorkeur te zijn voor samenwerkende partijen, waarbij
zorgverleners complementair aan elkaar kunnen zijn ten behoeve van de
cliënt.
Amsterdam kent veel alleenstaanden, zowel jong als oud.
Alleenstaanden hebben niet altijd iemand om op terug te vallen als zij zorg nodig hebben. Amsterdam moet bij de organisatie van de ondersteuning van (mantel)zorg rekening houden met de positie van alleenstaanden.
Iedereen die wil meedoen, kan meedoen
Gezondheidszorg voorziet in de fundamentele behoefte van mensen om
gezond te zijn, te blijven en zo volwaardig mogelijk aan de samenleving en het sociale leven te kunnen deelnemen. Omdat gezondheidszorg zo
belangrijk is, is de toegankelijkheid van een goede basiszorg een
onvervreemdbaar recht.
Alle mensen die zorg nodig hebben, moeten dat kunnen krijgen. Behalve
een medische component, hebben gezondheidsproblemen soms ook
sociaaleconomische en culturele dimensies. De gemeente moet oog
hebben voor deze diversiteit en moet het algemene preventiebeleid
inzetten op het bereiken van specifieke doelgroepen met gerichte
gezondheids- en behandelinformatie. Te denken valt aan een
gezondheidsachterstandsbeleid, vorm te geven met de GG&GD en andere
relevante organisaties. Een ongezonde leefstijl is bij sommige
sociaalzwakkere groepen zo hardnekkig, dat daar extra inzet op moet
worden gepleegd. De gemeente moet sterker richten op voorlichting aan
groepen die niet goed bediend worden. Te denken valt onder meer aan
migrantenvrouwen, studenten en expats. D66 vraagt speciaal aandacht
voor kennis over GGZ problematiek bij de medewerkers van de loketten
Zorg en Samenleving.
De positie van ouderen die zo lang mogelijk thuis willen blijven wonen,
dient versterkt te worden. Daarom wil D66 goed gekwalificeerde thuiszorg, goed georganiseerde hulp bij huishouden en betaalbaar aanvullend openbaar vervoer. Ook woningcorporaties hebben hier een belangrijke maatschappelijke taak. Inzet van Domotica, Intelligente apparaten in de leefomgeving, kan ouderen en ook andere hulpbehoevenden helpen langer zelfstandig te wonen. Maar apparaten nemen eenzaamheid niet weg, zorgverleners moeten tijd hebben voor een praatje. Wisseling van aanbieder leidt vaak tot het verbreken van vertrouwde relaties tussen cliënt en zorgverlener, die de kwaliteit van leven sterk kan verminderen. D66 vindt dat dit punt bij de aanbesteding in het kader van de WMO mee moet wegen. Ontmoetingsplekken en eettafels voor ouderen zijn ook van belang voor sociale contacten. Welzijnsvoorzieningen moeten hier op aansluiten. De overheid moet zorgen voor een goede samenwerking tussen de zorg-, woon en welzijnssector.
D66 vindt dat de mantelzorg ontlast dient te worden en dat de thuiszorg
meer taken van de mantelzorg moet overnemen. Mensen die ervoor
kiezen om mantelzorg te verlenen moeten bij hun waardevolle werk meer
steun krijgen. Ook dienen de mogelijkheden voor momenten vrijaf,
"respijtzorg", verruimd en beter bekend gemaakt te worden.
Slimmer zorg verlenen vraagt de implementatie van bewezen innovatieve
concepten. De gemeente moet hierin samenwerken met alle relevante
partijen om ervoor te zorgen dat Amsterdammers betere zorg krijgen
voor minder geld. Hierbij zoekt de gemeente aansluiting bij de Zorg Zuil, de samenwerkende opleidingen in de zorg bij de VU aan de ZuidAs.
D66 pleit voor meer aandacht voor diversiteit in de zorg. Oplossingen voor individuele problemen van vragers en een open zorgmarkt met
ruimte voor nieuwe aanbieders. In het algemeen moet meer talent voor de zorg gewonnen worden om het tekort aan werknemers te beperken. Op het MBO moeten leerlingen positieve ervaring kunnen opdoen met werken in de zorg.
Preventie als uitgangspunt in de zorg
Voorkomen is beter dan genezen. Preventie via voorlichting en educatie is een belangrijk uitgangspunt voor het realiseren van goede zorg. D66
wil zoveel mogelijk effectief bewezen voorlichtingsprogramma’s inzetten;
hiervoor bestaan landelijke en internationale bronnen bij o.a. het RIVM.
Actief preventiebeleid van de gemeente kan helpen sociaaleconomische
gezondheidsverschillen weg te nemen.
Sport en bewegen zijn zeer belangrijk voor de gezondheid in Amsterdam.
D66 wil niet alleen met voorlichting, maar ook met een goed
accommodatiebeleid de sportdeelname in de stad bevorderen. Het
Amsterdamse sportbeleid moet inspringen op de individualistische
levenswijze van de stedeling om de deelname aan sport en beweging te
vergroten. Samen met de stadsdelen en bonden wil D66 onderzoeken
hoe bestaande sportverenigingen kunnen worden ondersteund; zij kampen met een chronisch gebrek aan bestuurders en vrijwilligers. Met een sterker kader zijn ze beter in staat de sportdeelname te helpen bevorderen, bijvoorbeeld door samenwerking met scholen.
D66 vindt dat alle Amsterdammers het recht hebben zelf ten aanzien
van hun eigen seksualiteit en reproductieve gezondheid verstandige en
weloverwogen keuzes te maken. Daarom zet D66 zich in voor een goed
gefaciliteerde, toegankelijke - in het bijzonder voor jongeren en meer
kwetsbare groepen - en laagdrempelige seksuele en reproductieve
gezondheidszorg. Toegang tot veilige abortus moet binnen Amsterdam
gegarandeerd blijven. Daarnaast zet D66 zich in voor het binnen en buiten scholen beschikbaar krijgen van adequate seksuele voorlichting, waar seksuele diversiteit uitgangspunt is.
Voorlichting over tabak, alcohol en softdrugs alsmede hulp bij verslaving,
waarbij aansluiting wordt gezocht bij bewezen effectieve programma's van bijvoorbeeld het Trimbos Instituut.
In het oude stadshart is een gebied ontstaan met een sterke concentratie van seks- en drugsgerelateerde bedrijvigheid. Hierdoor
komt de leefbaarheid en toegankelijkheid in het geding. Bij de aanpak in het zogenaamde 1012 gebied staat de aanpak van criminaliteit en
vrouwenhandel voorop. Centrale stad en deelraad Centrum zullen
moeten samenwerken om door met name bestemmingswijzigingen een veilig en aantrekkelijk gebied te creëren. Hierbij kan het incidenteel nodig zijn een rechtspersoon onroerend goed in het postcodegebied 1012 te laten verwerven.
D66 wil hoofdstedelijke obesitas preventieprogramma's en
overgewichtprogramma’s die evidence based zijn. Projectmatig zijn er
goede voorbeelden te vinden bij onder andere het Centrum voor Gezond
Leven.
Roze mens moet roze kunnen zijn
Amsterdammers staan bekend vanwege hun grote tolerantie. Toch wil
D66 initiatieven blijven ontwikkelen om homofobie aan te pakken.
Organisaties in jeugdzorg en ouderenzorg maar ook sportverenigingen en
scholen moeten gestimuleerd worden om actieplannen, campagnes e.d.
op te stellen die pesten en geweld in hun organisaties tegen
homoseksuelen tegen gaan.
Roze ouderen hebben (veel) vaker geen kinderen of kleinkinderen die
mantelzorg kunnen verlenen en zijn dus meer aangewezen op hulp van
buiten. Amsterdam moet de ontwikkeling van buddyzorg/maatjesprojecten gericht op roze ouderen ondersteunen.
Homosexualiteit ligt binnen allochtone groepen vaak moeilijk. Amsterdam
moet daarom projecten ondersteunen om de bespreekbaarheid van
homoseksualiteit in etnische kring te vergroten. Cultuur is identiteitsvormend en kan de discussie over omstreden thema’s
bevorderen. D66 vindt dat Amsterdam daarom in haar cultuurbeleid
nadrukkelijk aandacht moet besteden aan roze cultuurprojecten.
Softdrugs als gewoon genotsmiddel en medicijn
De doelstelling om de risico’s van drugsgebruik te verminderen staat bij
D66 voorop. Voorkomen van verslaving en onomkeerbare
gezondheidsschade bij jeugdige gebruikers heeft daarbij prioriteit. Voor
deze groep kunnen door wettelijke restricties, scholing en goede
informatievoorziening veel problemen worden voorkomen, of beperkt
blijven.
XTC is geen softdrug, maar wegens de grote schade aan de gezondheid
die men kan oplopen bij het gebruik van vervuilde pillen, vindt D66 dat
bij grote evenementen de kwaliteit van XTC pillen getest moet kunnen
worden. Deze kwaliteitscontrole van XTC dient altijd gepaard te gaan met goede voorlichting over verantwoord gebruik.
Het toestaan van de verkoop van cannabis aan volwassenen heeft in
vergelijking met het buitenland niet geleid tot een afwijkend gebruik van
cannabis onder de Nederlandse bevolking. Verkoop van 5 gram aan de
voordeur wordt toegestaan, en dat moet ook voor buitenlandse bezoekers zo blijven. Het eenvoudigweg gedogen van de toelevering speelt echter de criminaliteit in de stad in de kaart. Door de afwezigheid van toezicht op de levering is kwaliteitscontrole niet goed mogelijk. Het Nederlandse drugsbeleid heeft op dit punt de laatste jaren stilgestaan en D66 vindt dat het tijd wordt voor een doorbraak. Bestaande kennis en nieuwe inzichten bieden mogelijkheden onder meer het middel cannabis vrij te geven. Softdrugs zijn vergelijkbaar met alcohol en tabak gewone genotsmiddelen. De gemeente moet via voorlichting en hulpverlening inspringen op de problemen die Amsterdammers ondervinden bij het verantwoord gebruik hiervan.
Amsterdam gaat een verband aan met een of meerdere producenten van
Mediweed waardoor een legaal distributiesysteem ontstaat voor cannabis, onder toezicht van de medische sector; de teelt van soft drugs wordt gereguleerd; op de Amsterdamse cannabismarkt wordt kwaliteitscontrole geïntroduceerd, bijvoorbeeld m.b.v. door Jellinek ontwikkelde criteria. Tegelijkertijd wordt de handel zoveel mogelijk gedecriminaliseerd. Daartoe start de gemeente Amsterdam een experiment met een cannabisproductiebedrijf, dat produceert met een zo groot mogelijke voorspelbaarheid van de THCsterkte. D66 wil dat bij voorlichting over verantwoordelijk gebruik van softdrugs de voorlichting aan toeristen speciale aandacht krijgt



