Beluister deze pagina met proReader

Slecht idee van rekenmeester Asscher

maandag 24 oktober 2011

Onderstaand artikel verscheen op 24 oktober in Het Parool.

 

Vorige week wijdde Het Parool veel aandacht aan de protesten van stadsdeelbestuurders tegen het voorstel van PvdA-wethouder Lodewijk Asscher om de stadsdelen hun eigen begrotingsrecht af te nemen. Bas Soetenhorst schetst in de Republiek van 15 oktober een beeld waarin zo’n stap eigenlijk niet meer dan logisch is, en waarin de klagende bestuurders nog het meest overeen komen met  kinderen die niet voorbij hun eigenbelang kunnen denken en onverantwoord geld uitgeven. Stadsdeelbesturen zouden 30 jaar lang speelkwartier hebben gehad en dat is nu gelukkig voorbij, met dank aan minister Donner en wethouder Asscher.

 

Is het wel zo logisch om met het afschaffen van stadsdeelbegrotingen de gaten in de Stopera te willen dekken? De gemeente zelf is immers juist de plek waar grote bedragen snel verdwenen zijn. Denk aan de Noord-Zuidlijn; de miljoenen boetes die het rijk jarenlang de sociale dienst oplegde wegens niet functioneren; de  financiële problemen van het Amsterdamse Gemeentevervoerbedrijf die door het rijk moesten worden opgelost; de niet goedgekeurde jaarrekeningen van het Ontwikkelingsbedrijf; het debacle met de afvalverwerkingsinstallatie; de  miljoenenmissers van de dienst Verkeer bij talloze projecten waaronder de renovatie van de Hoge Sluis en de werkzaamheden aan de Utrechtsestraat; de  miljoenenoverschrijdingen bij het Stedelijk museum, of recent de honderd miljoen die nodig is om de ICT in de gemeente op orde te krijgen. Het zijn juist de grote centrale diensten, aangestuurd door de Centrale Stad, die voor de miljoenentegenvallers verantwoordelijk zijn.  

  

Wat het journalistieke oog ook al gauw mist is de ontwikkeling die Amsterdam de laatste 30 jaar van Oost naar West en van Noord tot Zuid doorgemaakt heeft. Een ontwikkeling die we te danken hebben aan betrokken bestuurders en ambtenaren, die de situatie in de wijk kennen omdat ze er zelf wonen. De stadsdelen zijn vanwege hun schaal en kennis van de buurt beter in staat buurtgericht werken aan te sturen. Amsterdam is te groot voor één gemeenteraad, dan lopen burgers en bedrijven tegen ambtelijke muren aan, muren die melden: “Het spijt me, ik voer alleen de regels uit. 

 

Burgemeester Eberhard van der Laan (PvdA) is oud genoeg om de tijd voor de stadsdelen meegemaakt te hebben. In zijn wekelijkse column in De Echo zegt hij op 28 september: “Ik heb de tijd nog meegemaakt van voor de stadsdelen, gemeenteraadsleden besloten over gevoelige zaken als sloop in buurten waar ze hun leven lang niet waren geweest, ze hadden amper tijd om alle stukken er over te lezen, laat staan dat ze met bewoners spraken. Stadsdeelbestuurders zitten dicht op de wijk en nemen betere beslissingen, dat is grote winst.”

 

Heeft Amsterdam dan niet toch in ieder geval teveel politici? Een gemiddelde gemeente als Nijkerk (Gelderland) heeft één gemeenteraadslid op 1600 inwoners, Amsterdam heeft nu (stad en stadsdelen bij elkaar) één vertegenwoordiger op 3100 inwoners. Amsterdam heeft dus nu al relatief weinig bestuurders en politici die afrekenbaar zijn.

 

Pam de Soete is gemeenteraadslid voor D66 in Amsterdam





print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave


Amsterdamse winkels 24 uur open. Goed idee?

Bekijk resultaten

persoonlijke websites raadsleden

Gerolf Bouwmeester Carlien RoodinkIvar Manuel
Jan Paternotte (fractievoorzitter)
Sebastiaan CapelPam de SoeteMarjo Visser (duo)



D66 Amsterdam netwerken

D66 Amsterdam Facebook